Zorgeloos onschuldig, teder ooit geboren,
nu zit ik in de put, tot over mijn oren.
Hoe is het toch zo ver kunnen komen,
dat ik niet verder meer wil dromen?
Soms kan ik mijn kruis hier niet meer dragen,
ik zit dag en nacht met zoveel vragen.
Wie heeft mij dit alles, hier toch aangedaan?
Anders had ik mij dat voorgesteld dit bestaan.
En als ik ooit mijn ogen sluit,
dan is mijn hart gebroken en alles is UIT.

Jacques Keulen

Gedichten uit de bundel
Leef je leven
Dankbaar
De wieg
Mijn leven
Natuur
Verlossing
Stille weg
Somber
Plezier verkort het leven
Sterrenhemel
De nieuwe dag
Sorry
Pijn
Onvrede
Moeder
Mijn Kruis
Je goede vrienden
Geen tijd
De wolk
De bus
De wereld op z’n kop
De mooiste reis
Carnaval
Vakantie
De klokken
